Ter voorbereiding op zondag 10 oktober Markus 10, 17 – 27

Wij noemen de lezing gewoonlijk het verhaal van de rijke jongen. In hem leeft het verlangen naar eeuwig leven. Het verlangen goed te zijn in Gods ogen.

Hij vermoedt dat Jezus hem de weg kan wijzen. Jezus wijst hem op de tien richtingwijzers naar het Rijk Gods, een nieuwe maatschappij die op aarde begint en die God eens zal voltooien.Jezus noemt er zes op. In zekere zin zijn die de gemakkelijkste. Zo gauw begaat een mens geen moord. Als jonge ongehuwde pleeg je geen echtbreuk. Je eert je ouders min of meer vanzelfsprekend en als je rijk bent hoef je niet stelen. Toch gaat komt het Rijk van God niet dichterbij als wij het kwade nalaten. De grootste fout van mensen is dat wij juist na laten het goede te doen. De zonde van verzuim. Daar staan we te weinig bij stil.

Jezus kijkt de jongen met vol liefde aan. Hij hoopt in hem een medestander te vinden. Een nieuwe navolger. Een leerling. Net als aan de apostelen vraagt Hij hem alle zekerheid los te laten.Je bezittingen verkopen en aan de armen geven en zo in de schat in de hemel verwerven. Maar juist dat kan de jongen niet. Hij goed hij ook wil worden, hij zit vast aan zijn bezit.

Precies je bezit loslaten geeft toegang tot het Rijk van God. Jezus vergelijkt dat met het oog van de naald. Daar krijg je geen kabel doorheen. Maar om een of andere reden is de oorspronkelijke kabel een kameel geworden. Een kameel is een lastdier met dat met brede zijn zakken loopt. Nu maken we van de poorten van Jerusalem een poortje dat heel nauw is en waar een beladen kameel nietdoor heen kan. Zo’n Naald poortje is er nooit geweest. Het is een van de leukste vertaalfouten van de Bijbel. Maar ook een van de scherpste.

Van alle verslavingen waar mensen aan lijden is geldverslaving de ergste.

Wie geld heeft wil alleen nog maar meer geld. De rijken nemen het voor elkaar op en wijzen elkaar op belastingvermijding en belastingparadijzen. In de politiek worden bedrijven en rijken steeds bevoordeeld terwijl de kosten van publieke werken (wegen, energie, onderwijs, veiligheid, woonlasten) eenzijdig op de gewone mensen worden gelegd. En omdat – heel terecht – iedereen er beter op wil worden, wordt de geldverslaving verspreid en gedoogd.

In de Middeleeuwen stond er een rijke jongen op die deze lezing letterlijk nam.

Franciscus. Hij verliet zijn rijkeluisbestaan tot schrik van zijn ouders.De bisschop erkende zijn roeping om als arme broeder door het land te trekken, kapotte kerkjes te herstellen, medebroeders te verwerven en de wereldkerk te inspireren. Onze paus heeft niet de naam Ignatius aangenomen, maar Franciscus. Daarmee toont hij zijn eigen gezindheid aan en tevens dat Franciscus ook voor ons een actuele heilige is aan wie wij een voorbeeld kunnen nemen als wij echt Jezus willen navolgen. Ook voor gelovige mensen is een schat in de hemel belangrijker dan geld en goed.Bovendien, de rijken hebben loon al ontvangen en zullen niet of minder delen in het Rijk dat God ons geven wil.

Dit is de eerste pagina van
Nummer #42 – zaterdag 9 oktober 2021
Volgende pagina (2) »