Ter voorbereiding op zondag 5 september 2021 (Marcus 7, 31-37)

© B. Lopez/Evangile et peinture

© B. Lopez/Evangile et peinture

We horen deze zondag een van de zogeheten “wonderverhalen”. Er wordt een doofstomme bij Jezus gebracht en hem wordt gesmeekt om deze te genezen. Het motief om deze man bij Jezus te brengen wordt niet echt duidelijk. Is het de doofstomme zelf die naar genezing zoekt? Of is het de menigte die Jezus graag een wonder wil zien doen? Nu Jezus in de buurt is, wordt de doofstomme in ieder geval naar voren geschoven.

“Hier is een man die op genezing wacht, laat maar eens zien wat je kan!”

Jezus gaat hier niet in mee. Hij neemt de man apart, weg uit die menigte. Weg uit datgene waar de man zijn leven lang fysiek van afgesloten is. Weg uit datgene wat hem jaren, zijn leven lang buitengesloten heeft. Jezus trekt de man weg uit de anonimiteit en richt zich persoonlijk tot de man. Jezus biedt de hem een veilige plek, een plek van stilte waarin de man gezien wordt. Met intieme en lijfelijke gebaren raakt hij de man aan. Stopt zijn vingers in de oren en maakt met speeksel zijn tong nat. Spreekt het woord “effeta” wat “ga open” betekent, en, terstond, nog voor de man het woord hoorde gingen zijn oren open en werd zijn tong losgemaakt. De man kon horen en spreken.

Zoals zo vaak dringt Jezus aan: zeg maar niets. Hou je mond hier maar over. Maar hoe kan je dit nou vragen aan een man die nooit heeft kunnen spreken? Dansend en zingend zal hij door de straten gaan. Nu het kan zal overal zijn stemklinken, met op zijn lippen dit verhaal: Ik was een man in de marge, aan de rand. Voorbijgelopen, weggekeken. Maar ik werd gezien, echt gezien. Ik werd aangeraakt, écht aangeraakt. En mijn oren gingen open, want ik ben het waard om tot te spreken. Mijn tong kwam los, want ik ben het waard om gehoord te worden. Ik ging open, ik werd herboren.

We zingen bij het evangelie:

Horen, stilstaan bij de woorden,
die ons richten op een stem
die verdoofde oren opent,
ons weer aan het roepen went.

Zoeken, speuren in de boeken
naar het oeroude verhaal
waarin mensen wegen zoeken
met die stem als klopsignaal.

Volgen, blijven in het voetspoor
van de man uit Nazareth
die ons als een vriend behoedzaam
uit de greep van wanhoop redt.

Zingen, danken voor het leven
waarin liefde hoogtij viert
en Gods Naam ons zonder vrezen
als een trouwe schaduw siert.

Henk Jongerius