Paaswens

In de Paasnacht, midden in de donkerte van de dood, horen wij over een God die de wereld schept.

Met niets van niets zijt Gij begonnen,
hebt sprakeloos het licht gezegd,
de tijd bepaald, het land gewonnen,
de zeeën op hun plaats gelegd. (Oosterhuis)

Uit het niets íets maakt. Een God die zijn schepping niet alleen laat. Een God die zijn volk bevrijdt uit slavernij. Uit onderdrukking en vervolging.

Vroeg in de morgen,
donker was het nog,
zijn wij gegaan, een keer,
nog in ons hart de dichtheid van de nacht. (Oosterhuis)

Midden in de dichtheid van ons rouwen, horen wij hoe we in onze doop verbonden zijn met Hem. Hij die aan het kruis werd geslagen, stierf: om niets, om alles.

In die donkerte en die dichtheid, klinkt ons voorzichtig de belofte van licht.

Als alles duister is
ontsteek dan een lichtend vuur dat nooit meer dooft.. (Taizé)

Een licht dat er is in de dichtheid. Een licht in het donker. Een licht dat blijft branden, zelfs door de dood heen.

Het licht dat een appel doet op ons: Zoek me, hou me vast. Sta op, een morgen, ongedacht. Draag me uit en laat me schijnen in de wereld van vandaag. Dan zal Gods dag aanbreken, zal het Pasen zijn en zullen we met Hem opstaan.

Het is al begonnen, merk je het niet?

Een zalig Pasen,
Tom Buitendijk en Kees von Harenberg