(verschenen in het parochieblad jaargang 24, nummer 7)

“Oh Heer mijn God, wanneer ik in verwondering,
de wereld zie die U heeft voortgebracht.
Het sterrenlicht, het rollen van de donder.
Heel dit heelal dat vol is van uw kracht.”
Misschien een raar begin van een geloofsgetuigenis, voor mij echter niet.
Ik ben altijd al een nieuwsgierig jochie geweest. Ik wil weten hoe het zit. Lagere school, HBS-B, Biologie. Natuurwetenschap als nieuwe religie. Eindelijk antwoorden. Antwoorden ja, maar wat was de vraag ook al weer. Oh ja. Hoe kan het dat, als alles wat ik zie slechts het product is van toeval en een stelsel van natuurwetten, ik steeds met verwondering zie hoe mooi alles gemaakt is? Alles van de simpelste bacterie tot het firmament. Hoe meer ik las, hoe meer ik leerde, des te groter werd de verbazing.
William van Ockham, een 14e -eeuwse franciscaner monnik, stelde: “Kies de hypothese die de minste aannames vereist om een verschijnsel te verklaren”. Het heeft een aantal jaren geduurd voor ik tot mijn keuze kwam. Het scheppingsverhaal vereist maar één aanname, God bestaat. Simple as that.
In de jaren daarna is mijn beeld van God steeds bijgesteld. Als ik buiten loop en zie met hoeveel liefde en zorgvuldigheid ons tijdelijke huis is gestoffeerd, kán en wíl ik niet geloven dat Hij aan ons minder zorg besteedt.
Vanuit dat geloof kan ik met Hem praten, elk moment van de dag. Ik vertel Hem over de mooie momenten, maar ook over mijn pijn en mijn zorgen. En als ik ’s avonds de hond uitlaat, kijk ik altijd even omhoog. Grote Beer, Orion. Ik voel me klein, maar weet dat er naar me omgekeken wordt. Verbazend.

Frank van Breukelen.


0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *