Het artikel van Frank van de Poel in het juninummer van De Roerom met als titel De kerk geeft niet thuis heeft voor enige beroering gezorgd. Dat geldt zeker ook voor een artikel van Marieke Drent over de Pastorale presentie in tijden van corona.

Er zijn zeker afgunstig klinkende reacties te melden van mensen die vertellen dat onze parochie zo ontzettend veel doet (in tegenstelling met hun eigen geloofsgemeenschap die vaak deel is van een regioparochie). Omdat wij diensten streamen, zodat iedereen met de beperkte groep die in de kerk mag worden toegelaten vanwege coronabeperkingen, ook op een vertrouwde manier betrokken kan blijven bij onze geloofsgemeenschap. Of omdat we extra edities van onze parochiebladen uitgeven waardoor iedereen op de hoogte kan blijven van wat er allemaal gebeurt. Of omdat we bemoedigingsbrieven van bisschop de Korte bij parochianen laten bezorgen. Wat men als gemis benoemt zijn vaak vertrouwde “hoog kerkelijke producten” waarvan de afzender zich eigenlijk niet eens bekend hoeft te maken. Het zijn zaken die typisch kerkelijk gevonden worden. De reacties klinken ook een beetje verontwaardigd naar hun eigen pastores, want “is het nou zo’n moeite om een kerkdienst uit te zenden of een brief te schrijven als je toch nergens op huisbezoek mag gaan”. Van verschillende kanten wordt gemeld dat men de kerk, hun kerk, in geen velden of wegen tegenkwam in coronatijd. Maar zien ze dan wel alles?

Er zijn ook reacties van mensen die wijzen op parochies waar iets gebeurt van het nieuwe kerkzijn. Parochies die zoeken naar nieuwe vormen naast en buiten het hoog kerkelijke om. Parochies die insteken op diaconie, zoals de Peerke Dondersparochie uit Tilburg of de Titus Brandsma parochie in Oss. Of wat blijkt uit een artikel van Embregt Wever, medewerker diaconie en missiesecretaris van het Bisdom Den Bosch over Verbinden in de stad. Of een meditatie van Thom Shuman uit de Iona-gemeenschap, vertaald door Roel A. Bosch en met instemming geciteerd, omdat Diaconie en Eucharistie één en hetzelfde zijn: Doen wat Hij heeft gedaan. Je leven delen.

 “Nee, we hebben de eredienst niet afgelast. We hebben een kerkdienst afgelast, een mis, een vesper, op een bepaalde tijd in een bepaald gebouw, op een bepaalde dag, maar blijven mensen, die God eren en dienen wanneer ze zorgen voor hun kleinkinderen en de hond uit laten; eren en dienen als ze naast Jezus staan te helpen bij de voedselbank en boodschappen doen voor de buurvrouw; eren en dienen als ze de vrede van Gods Geest delen door in de telefoon een lied te zingen voor hun ouder; eren en dienen wanneer ze vanuit huis werken; eren en dienen wanneer zij een extra shift moeten draaien in het verpleegtehuis of op de woongroep; eren en dienen wanneer ze iemand ver weg een mail sturen en zwaaien naar een vreemde aan de overkant van de straat; God eren en dienen als ze toiletpapier meenemen naar de daklozenopvang en vrijwilliger zijn op het stembureau. Nee we hebben de eredienst niet afgeschaft, alleen maar het officiële deel ervan, dat misschien het kleinste deel is van dit alles.”

Een andere briefschrijver wijst op het gegeven dat kerken dan wel gesloten mogen lijken, maar dat de Mariakapel dagelijks toegankelijk is en de kerkdeuren op zondag openstaan voor individueel gebed, maar ook voor gesprekken. Of dat men ook kan aanschuiven aan de keukentafel op de pastorie. En dat ook internet, livestream, mail en sociale media een belangrijke rol spelen bij het omzien naar elkaar. Kerk zijn is veel meer dan een mooie zondagsdienst. Ook in onze parochie. We probeerden het allebei: eucharistie én diaconie en dat is het mooiste.

Henk Peters, kerkbestuur.


0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *