31 december 2017 : Oudjaar – Op 19 december 1944 schrijft de Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer vanuit zijn cel een oudjaarsgedicht aan zijn verloofde Maria van Wedermeyer. Hij zat vanwege zijn verzet tegen het Hitlerregime in Berlijn in de gevangenis. Op 9 april 1945 wordt hij opgehangen in het concentratiekamp Flossenburg. Het zeer persoonlijke gedicht spreekt iedereen aan. Het is een gebed van dankbaarheid, vertrouwen en nieuwe moed. Vooral is het een geloofsgetuigenis: in de diepste nood worden wij door Gods liefde omgeven. Hij is ons altijd nabij.

Enkele verzen:

Door goede machten stil en trouw omgeven
beschermd, getroost, beveiligd wonderbaar,
zo wil ik deze dagen met u leven
en met u binnengaan in ’t nieuwe jaar.

Als ’t diepe zwijgen ons wil gaan omringen,
laat ons toch horen, Heer, nu als voorheen,
het lofgezang, dat al Uw kind’ren zingen,
de klank van heel de wereld om ons heen.

Door goede machten wonderbaar geborgen
wachten wij rustig, wat ons lot ook zij.
God is met ons in de avond en de morgen,
en elke nieuwe dag is Hij nabij.

Dietrich Bonhoeffer (19 december 1944) 

Graag wens ik u toe dat u zich in alles wat in het komende jaar 2018 gaat gebeuren, gedragen weet door Gods zorgzame nabijheid. Een zalig en gezegend Nieuwjaar.

1 januari 2018: Maria, Moeder van God (Lucas 2,16 -21)

Wij vinden de herders leuk en lief. Ze zijn zo romantisch met hun schaapkens over de witte weiden. In de Bijbel komen zulke herders niet voor. Herders waren eigenlijk uitgerangeerde mensen van wie je toch niets goeds verwachten kon. De oervader van Jezus Jesse genaamd had zeven zonen. Maar toen hij ze moest presenteren aan de profeest Samuel, vergat hij de jongste van het veld te laten halen. Het was toch maar een herdersjong! Toen hoorde we voor het eerst zeggen: “God ziet met andere ogen dan mensen”. Het jongetje David werd de herderlijke koning en de koninklijke herder bij uitstek. Beeld van de Messiaanse koning aan wiens heerschappij geen einde komt. Vandaar dat Jezus bij dat soort min volk wilt horen en herders welkom heet in de stal. Vandaar dat Maria er niet veel van begreep maar wel zo wijs was alle woorden te bewaren in haar hart. Uit de onverwachte hoek van de herders komen de eerste verkondigers van de Blijde Boodschap. Niets romantisch aan! Maar wel een boodschap om te overwegen: die Jezus in de kribbe zal onze Redder zijn!

7 januari 2018: Openbaring des Heren (Mattheus 2,1-12)

Deze zondag horen we het bekende verhaal van koningen uit het oosten die Jezus hun hulde komen brengen. In feite zijn het geen koningen maar wijzen. Wijzen zijn mensen die zich niet alleen door hun verstand en eigen logica laten leiden, maar door een dieper weten dat hun van God uit geschonken wordt. Dat weten is leidinggevend voor hen. Wijzen zijn mensen die innerlijk aanvoelen, dat zij eigenlijk niets weten over de grote dingen in het leven: over geboorte, liefde, lijden en dood. Maar zij hebben op een wonderlijke wijze contact met een dieper weten, een aanvoelen, een duister licht in zichzelf, dat in het verhaal van vandaag verbeeld wordt met een ster. Die ster, dat licht in henzelf, dat volgen zij. En dat leidt hen tot de geboorte van de Messias, van de menswording van God, de nieuw geboren koning.
Om die menswording van God te gaan zien, moeten wij niet buiten onszelf op zoek gaan naar een ster aan de hemel. Die menswording van God vind enkel binnen in onszelf plaats. Ook Jezus wist dat toen Hij zijn leerlingen daarheen de weg wees. Hij zegt tot hen en ons:

“De komst van Gods koningschap kun je niet waarnemen. Je kunt niet zeggen: ‘Kijk, hier is het, of daar is het. Nee, zijn koningschap is in je.”

Ook Titus Brandsma wijst ons die weg:

“Wij moeten allereerst God zien als de diepste grond van ons wezen, verholen in het meest innerlijke onzer natuur, maar daar toch te zien en te aanschouwen.”

Gods aanwezigheid is niet buiten ons waarneembaar, maar in ons. Zoals bij de drie wijzen, is Gods licht als een ster is in de nacht, een lamp voor onze voeten, binnen in ons. Maar het kan pas gaan schijnen, als wij ons eigen weten omtrent God en onszelf, omtrent leven, liefde, lijden en dood, relativeren. Gods licht kan ons maar tot leven leiden, wanneer wij weer leerlingen worden van zijn Woord. Dat wij ons voegen bij de wijzen uit het oosten en met hen op weg gaan, om Hem onze hulde te brengen.

14 januari 2018 : Tweede Zondag door het jaar.( Johannes 1, 35 – 42 )

Het is altijd bijzonder als mensen God ontdekken in hun leven en van dan af weten wat hen te doen staat. Roeping noemen we zo’n gebeuren. Er gebeurt iets met je. Ineens word je een ander mens. Meestal , maar soms wel, is roeping geen rechtstreeks weten van God door een goddelijke stem. Het is bijna altijd een gewezen worden op. Roeping wordt door mensen bemiddeld. Vandaag wijst Johannes de Doper twee van zijn leerlingen op Jezus van Nazareth: “ Zie het Lam Gods”. We weten niet precies wat dat bij hen oproept. Wel raken ze geboeid door die benaming en gaan Jezus volgen. Jezus keert zich om en vraagt: Wat verlangen jullie? Waar zijn jullie naar op zoek? Ze antwoorden met een wedervraag: waar houdt u zich op? Waar verblijft u met uw hart, uw wil, uw gedachten, uw hoop, uw verlangen? Wat is uw roeping? De heel dag verblijven de leerlingen bij Jezus en groeien ze in het Geheim van wie Hij is: de Messias van God. Teruggekeerd naar hun eigen verblijf ontmoet Andreas zijn broer Simon. Direct brengt hij Simon bij Jezus en Jezus geeft Simon een nieuwe naam: Petrus, rots. Een naam met een opdracht. Een roeping. Beiden gaan Jezus volgen, hem achterna. Voor mij komen de volgende vragen op: wat is mijn diepste verlangen? Verblijf ik met mijn hart en gedachten in God? Word ik geraakt door Jezus die zozeer van God getuigt dat ik Hem vervuld van God noem? Durf ik andere mensen erop te wijzen dat God ook hen roept om Jezus te volgen? Is het mijn diepste verlangen het Rijk van God aan het licht te brengen in de samenleving van vandaag?

Een terugblik op Kerstmis

Het is vanzelfsprekend dat kerstmis een drukke tijd is in en rond de kerk.
Minder vanzelfsprekend is het dat er altijd mensen zijn die zich voor de kerk inzetten. Toch gebeurt dat! Daar mogen we als gemeenschap dankbaar voor zijn. Dank voor al die mensen die ongezien en ongekend zich inzetten voor de schoonmaak van de kerk, voor het opzetten van de kerststal, voor het maken van de advents- en kerstkrans, voor de prachtige versiering van het altaar. Ook veel dank aan de koren die extra gerepeteerd hebben, aan de medewerkers aan de liturgie, aan de pastores, aan de beamerpresentatie verzorgers. Juist doordat zovelen volop meewerken toont de gemeenschap zijn kracht en zijn samenhang.

Dank ook aan alle mensen die vanaf 17 december – samenzang met lied en lezing – tot en met 31 december gekomen zijn. Veel mensen hebben in deze dagen de kerk weten te vinden. Van harte hoop ik dat ieder zich welkom geweten heeft. Hartelijkheid is een van de belangrijkste kenmerken van een goede gemeenschap. Hartelijkheid is iets wat we elkaar moeten gunnen en geven. We zijn er met Kerstmis 2017 in geslaagd! Veel mensen hebben zich ‘thuis ‘gevoeld.

Een vooruitblik op het Nieuwe Jaar 2018

In de maand januari gaat de Actie Kerkbalans weer van start. De actie die bedoeld is om de kerk een gezonde financiële basis te geven. De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat de basis niet zo sterk is als ze moet zijn om het kerkelijke leven te kunnen dragen. Ondanks zuinig beleid geven we meer uit dan er binnenkomt. Boven schreef ik : “Juist doordat zovelen volop meewerken toont de gemeenschap zijn kracht en zijn samenhang”. Ik zou er nu van willen maken :

“Juist doordat zovelen van harte geven toont de gemeenschap zijn kracht en zijn samenhang”.

Bij dat “zovelen” zit het probleem. De kerkbalans enveloppen worden aan alle parochianen aan geboden. Heel veel mensen reageren niet. Het is een minderheid die gelukkig dan positief reageert. Maar misschien kan die minderheid gaan groeien tot een meerderheid als iedereen die mee doet, een ander vraagt : “Zeg, heb jij je kerkbijdrage al ingevuld? De kerk is toch de moeite waard. Als je ziet wat ze met kerstmis gedaan hebben! Dat doen ze het hele jaar door.” Daarom: Spreek vrijmoedig over kerkbijdrage geven en de basis zal sterker worden. Ook hiervoor : dank u wel!

Categorieën: Titus Tijdingen

Pastor Tom Buitendijk

Pastor Tom Buitendijk

Pastor Tom Buitendijk is pastor van onze parochie, vormt samen met pastoraal werker Leon Teubner het pastoraat, en is voorzitter van het parochiebestuur. Meer informatie en biografie »

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *