In Trouw deed een verontruste dominee gewag van het gegeven dat in de nieuwbouwwijk van Amersfoort waar ook zijn gemeente kerkte maar liefst acht van de tien huwelijken stuk liepen zodra de jonggehuwden kinderen kregen. Huwelijken die uitstekend waren tot de kinderen kwamen. Dat stemt toch tot nadenken.

In de analyse die deze dominee gaf, lag de oorzaak van deze ellende in het feit dat de jonggehuwde stellen hun relatie veel te zwaar hadden belast met hypotheken en een leefstijl die geen vermindering van inkomen verdragen. Als je welbeschouwd je leven al tot een slavenbestaan voor de bank hebt gereduceerd en alle aandacht en energie opgaat aan het tevreden houden van die financier van je leven, blijkt de komst van kinderen de druppel die de emmer doet overlopen. Overvragen in dit leven leidt altijd weer tot overgeven.

Het zal aan mijn levensfase liggen, maar dit soort berichten leiden bij mij altijd tot gewetensonderzoek. Waar waren wij toen dit allemaal gebeurde? Waar hebben wij niet opgelet? Welke waarden en normen hebben we ongehinderd de overhand laten krijgen?

Ik herinner me de volgende strijd die ik als schoolleider van acht scholen voor Voortgezet Onderwijs heb moeten voeren met mijn nieuwe bestuur, externe adviseurs en banken. Van huis uit had ik geleerd dat je moest sparen, reserveren of afschrijven voor uitgaven die je voorzien kon in de sfeer van onderhoud en vervangingen. Dat deed ik nauwgezet en zodoende beschikten mijn scholen over een forse (bestemmings)reserve. Mijn nieuwe bazen met hun adviseurs vonden mijn aanpak totaal achterhaald. Immers ik kon die reserve aanwenden als onderpand voor leningen waarbij banken bereid waren voor een onderpand van 25% een lening van 100% te verstrekken. Het grote voordeel was in hun ogen dat ik dan onmiddellijk een wensenlijstje kon uitvoeren voor nieuwbouw en inventaris vernieuwingen en niet hoefde te wachten totdat ik het geld gespaard had. Mijn weerwoord dat ik dan jarenlang mijn organisatie moest belasten met rente en aflossing voor gegeten brood, werd honend verworpen. Mijn gelijk werd ongelijk. Maar vijftien jaar later moet men miljoenen bezuinigen omdat de vaste lasten te zwaar op de organisatie zijn gaan drukken. Maar ze hebben wel prachtige gebouwen en design inventaris. De kosten moeten worden inverdiend door het verminderen van de personele inzet.

En ging het zo ook niet bij particulieren. De banken hebben al hun lokettaken geschrapt want bankzaken zijn geautomatiseerd. Maar tegelijkertijd hebben ze hun adviestaken opgeschroefd. En al die adviseurs blijven maar vertellen dat de bomen tot in de hemel groeien ondanks de bankencrisis. En zie hun gelijk: de huizenprijzen stijgen al weer. En de boodschap van de mogelijkheden voor een onmiddellijke bevrediging van wensen en behoeften, wint het weer van gezond verstand. Morgen moet maar voor zichzelf zorgen. We doen kennelijk niks met onze ervaringen.

Een halve eeuw geleden was het gewoon dat jonge stellen hun uitgavenpatroon baseerden op één inkomen want men wist dat een van hun tweeën voor de kinderen moest zorgen zodra die je relatie kwamen verrijken. Bijna altijd was het de vrouw die dan voor de kinderen zorgde tot die op eigen wieken uit vlogen, met hooguit een klein part-time baantje ernaast voor de luxe. Dat hebben vrouwen niet allemaal de mooiste tijd van hun leven gevonden. Toch was het vooral de luxe die verlokte tot méér werken en hooguit een kleine zorgtaak. En als de grootouders bereid waren bij te springen stonden die in hoofdzaak voor de zorgtaak. Later een door de overheid betaalde zorgtaak.

Het liberalisme en het individualisme van “niemand heeft te zeggen hoe ik leven moet” hebben de overhand gekregen. En natuurlijk maakt iedereen zelf uit of hij water dan wel benzine voor zijn voertuig tankt maar dat heeft wel gevolgen.

Over deze materie heb ik met jonge gezinnen gesproken. Jonge mensen die met evenveel idealen gestart zijn als wij vroeger. Wel in een voortjakkerende wereld. Nauwelijks effectieve tegengeluiden die weerwerk bieden aan de mentaliteit van méér, méér, méér! Hun kiezen is vaak ook én én en niet óf óf. En de enkeling die daar niet aan mee wil doen maakt zich buitenstaander.

Iets van een gemeenschappelijk leven met buurt, wijk, familie, vereniging of kerk is verschraalt tot hooguit consumentisme. Het gevolg dat je ook te weinig op anderen kunt terugvallen voor raad en daad. En natuurlijk is er geen weg terug naar de samenleving van de vijftiger jaren. Maar we zijn wel veel essentiële dingen kwijt geraakt door alle “vooruitgang”. We weten niet meer hoe we moeten (samen)leven.

Het gevolg is dat we weer zaken moeten uitvinden die vroeger zo voor de hand lagen. We hebben verleerd hoe we voor elkaar kunnen zorgen zonder dat daar allerlei instellingen bij betrokken hoeven te worden. We hebben verleerd een beetje relaxt te leven en ons niet steeds voorbij te hollen. We hebben verleerd dat niet alles ineens kan en ook niet onmiddellijk. We hebben verleerd met aandacht te leven. Verleerd ook te genieten. Verleerd dat niet alles maakbaar is. Verleerd dat je de dingen die er in het leven echt toe doen, dat je die cadeau krijgt.

En omdat we dat allemaal verleerd hebben zitten we met de handen in het haar als het over een steeds problematischer jeugdzorg gaat en zorg voor zieken en ouderen. De dragende generatie kan het er niet bij hebben en er is onvoldoende geld om het aan beroepskrachten uit te besteden. We moeten met elkaar weer gaan uitvinden hoe we samen moeten leven.

Het blijft een keuze: God dienen of de Mammon. Kiezen voor een leven waarin het steeds om Liefde draait of altijd om geld. Krijgt mijn generatie nog de tijd om te herstellen dat we onze kinderen op het verkeerde been hebben gezet door het zelf verkeerd voor te doen?

Henk Peters


Henk Peters

Henk Peters

Henk Peters is sinds 2016 vice-voorzitter van het parochiebestuur van de Titus Brandsma Parochie Oss. Meer informatie »

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *