Titus Brandsmazondag 5 november 2017

 

Woord van welkom

U allen van harte welkom in deze  viering op het patroonsfeest van onze parochie.

Het is 32 jaar gelden dat paus Johannes Paulus II  deze bescheiden Karmeliet heeft zalig verklaard. Het proces voor zijn heiligverklaring is in volle gang. Voor ons hier in Oss, is het  mede van belang dat Titus in 2015 postuum ereburger van onze stad is geworden. Die eer deelt hij  met slechts drie anderen.  Je bent nier zomaar ereburger.

Graag heet ik mijn zuster in de Karmel welkom: Marieke Rijpkema.

Zij is van Friese afkomst en is in de verte ook nog familie van Titus.

Als pastoraal werkster in Nuland heeft zijn ion Oss gewoond en is vele manier in onze parochie aanwezig geweest.

Zij is nu de actieve beheerder van het Titus Brandsma memorial in Nijmegen.  Op vele manieren help zij om de gedachtenis aan Titus in Nederland hoog te houden.

Marieke heeft onlangs een reis begeleid naar Dachau.

“ In het spoor van Titus “.  Door zijn leven te overdenken, door iets van zijn bewogenheid te ervaren en door iets mee te beleven dat ‘de hel van Dachau’ is, is Titus ons naderbij gekomen als mens en … als inderdaad een heilige.

In deze viering zal Marieke mede voorgaan en de verkondiging verzorgen.

Titus, een mens om God bewogen,  wil ons nader brengen trot God en tot elkaar. Bidden wij zingend om ontferming.

Openingsgebed

Goede God, U woont verscholen in het hart van ieder mens.

In daden van goedheid en liefde komt U aan het licht.

Wij bidden U :

Doorstraal ons leven met uw licht en uw warmte zodat wij mensen worden die leven in de gezindheid van Jezus, uw Zoon.

Help ons elkaar nabij te zijn zoals Hij ons nabij wil zijn.

Dan komt er vrede over heel deze wereld.

Dit vragen wij U op voorspraak van pater Titus door Christus onze Heer. Amen.

Gebed over de gaven.

Goede God, herken in deze gaven van brood en wijn

onze inzet voor onze parochiegemeenschap.

Dat wij die met elkaar uw Brood en Beker delen

ook bereid zijn elkaars leven te delen

zoals Jezus het ons heeft voorgedaan.

Dit vragen wij U op voorspraak van pater Titus door Christus onze Heer. Amen.

Slotgebed.

Goede God, in deze viering hebben wij u willen eren en danken voor Titus Brandsma, naar wie deze gemeenschap genoemd is

Door zijn leven en werken is hij een levende getuige van uw goedheid en liefde. Mogen zijn voorbeeld tot ons blijven spreken

opdat wij, door hem geïnspireerd,

blijven zoeken naar U in het diepst van ons bestaan.

Dat wij U  daar vinden en ons kind naar uw hart weten.

Dit vragen wij U op voorspraak van pater Titus Brandsma door Christus onze Heer. Amen

Overweging van zr Marieke Rijpkema Ocarm

 

Overweging zo. 5 nov.17 – Titus Brandsmazondag in Oss                   

 

Titus Brandsma is één van de 206.000 mensen die gevangen gezeten hebben in kamp Dachau, onder het nazi regime in Duitsland.

Eén van de ruim 41.500 mensen die daar zijn omgekomen.

En dit was een gevangenkamp, een werkkamp, geen vernietigingskamp, zoals bijvoorbeeld kamp Auschwitz.

Te lezen en te horen en iets van beeldmateriaal te zien over de gruwelijkheden in dat kamp is vreselijk, en niet te bevatten. Wat mensen mensen kunnen aandoen… Titus Brandsma hield het in Dachau maar enkele weken uit. Totaal verzwakt ook al vanwege zijn verblijf in kamp Amersfoort. 61 jaar oud was hij.

Waarom gedenken we deze ene man in het bijzonder? Van al die mensen die omgekomen zijn in Dachau, en in al die plaatsen in de wereld die lijken op kamp Dachau.

Natuurlijk, deze mens heeft een jaar of 14 hier in Oss gewoond. Dat brengt hem nabij. We kunnen ons voorstellen hoe hij hier vlak om de hoek in het grote klooster woonde. Hoe hij door de stad gelopen heeft. Hij richtte hier de leeszaal op, de HBS, blies nieuw leven in de krant ‘de Stad Oss’, liet het H.Hartbeeld oprichten, en wat al niet meer.

Ook kunnen we zeggen dat hij veel voor Katholiek Nederland betekent heeft, door zijn inzet voor het katholiek onderwijs en de katholieke journalistiek. En ook door zijn onderzoekswerk naar spiritualiteit en mystiek, zijn colleges daarover, zijn stukjes in De Gelderlander. Maar ook heeft hij veel betekent voor de Oecumene, de Friese taal en cultuur, en het vredeswerk.

Dat maakt hem zeker gedenkwaardig. Maar daarmee alleen zou hij denk ik niet zalig verklaard zijn, of naamgever van jullie parochie geworden zijn.

 

In het proces dat heeft geleid tot zijn Zaligverklaring zijn er heel veel mensen gehoord, die hem hebben meegemaakt. En in die getuigenissen klinkt door hoe hij als mens opviel. Als iemand die aandacht had voor ieder met wie hij in contact kwam. Zijn zachtmoedigheid viel op, en ook zijn doortastendheid. En ook zijn eenvoud ondanks zijn grote geleerdheid en scherpe verstand. En zijn gerichtheid op het welzijn van de ander, zijn grote dienstbaarheid.

En ronduit indrukwekkend zijn de getuigenissen over hem uit kamp Amersfoort en kamp Dachau. De rust die van hem uitging, deed mensen om hem heen ontzettend goed, zijn diepe geloof. En ook de manier waarop hij de bewakers tegemoet trad. Wanneer we Jezus in het Lucas evangelie horen zeggen “heb je vijanden lief, wees goed voor wie jullie haten”, dan kunnen we naar Titus Brandsma in deze fase van zijn leven kijken, om te zien wat dat in de praktijk betekenen kan. Hij heeft die woorden waargemaakt.

Rafaël Tijhuis, een medebroeder die kamp Dachau overleeft heeft, schrijft in zijn dagboek over die periode ondermeer over Titus Brandsma:

 

In de omgang is hij steeds de rust en kalmte in persoon. Zelfs wanneer hij door de Block- of Stubenälteste geslagen wordt. Ook nadien zal hij niet op hen schelden of zelfs het woord ‘moffen’ op hen toepassen. Van haat of afkeer van de Duitsers of van de bewakers en diegenen die hem slaan of mishandelen, kan men bij hem niets merken. ‘Och, het is al weer voorbij’ zegt hij dan, als men hem vraagt waarom hij slaag gekregen heeft. Hij praat nog zelfs met zijn gewone gemoedsernst tegen de Block- en Stubenälteste. (…) Met zijn aangeboren vriendelijkheid, tracht hij door praten nog iets bij hen te bereiken. Meestal eindigt het gesprek met een oorvijg of schop, maar dat weerhoudt hem er niet van vriendelijk tegenover hen te zijn. Nog hoor ik de bulderende stem van het blokhoofd: ‘Hau ab, du Blöder, du Blöder!’. Naderhand zeg ik dan wel eens tegen Titus: ‘Praat toch niet met die kerels, U bereikt er toch niets mee, hoogstens een pak slaag!’. Maar dan antwoordt hij: ‘Daarom moet je het niet laten, want wie weet, misschien blijft er wel iets van hangen. Men moet voor deze mensen bidden’, hoor je hem vaak zeggen, ‘opdat ze tot inzicht komen’.

 

Titus Brandsma heeft alle zorg over zichzelf kunnen loslaten. Welk innerlijk proces daaraan voorafgegaan is weten we niet. Maar zijn gedicht “Het leed ging telkens op mij staan” (1) (met o.a. de zin: “Duldend, wachtend moest ik leren”) doet er iets van vermoeden, en zeker ook zijn vele artikelen over mystiek. Voor hem was het helder dat iedere mens ten diepste verbonden is met God, sterker nog dat God de diepste grond is van ons wezen. In de loop van zijn leven heeft hij zo naar mensen leren kijken: ook jij draagt het geheim van Gods aanwezigheid met je mee. Ook jij bent geschapen naar het beeld en de gelijkenis van God. En God is goed. Daar leefde hij zelf uit, en dat probeerde hij ook in de ander op te roepen. En dat bleef hij doen tot in de hel van Dachau.

Dát maakt hem, volgens mij, tot zo’n onvergetelijk mens, die we willen blijven gedenken.

Fysiek is er niets van Titus Brandsma overgebleven. Zijn lichaam is verbrand in de oven van het crematorium in Dachau. Maar zijn persoon, zijn geestkracht, zijn geloof leven nog altijd voort, en kunnen voor ons een bron van inspiratie zijn en ons uitdagen om ook onze diepste goddelijke grond te ontdekken, ons door die Liefde vrij te laten maken, en ons met al onze talenten in te zetten voor vrede en verzoening, voor een samenleving gekenmerkt door gerechtigheid en liefde, en iedere mens met respect te bejegenen.

 

Dat wij zijn naam hoog houden, en als parochie en als mens, proberen in zijn voetspoor voort te gaan.

Amen.

 

Marieke Rijpkema O.Carm.

 

 

(1)          gedicht Titus Brandsma (kamp Amersfoort, 1942):

 

Het leed kwam telkens op mij aan

Onmogelijk om het af te weren.
Met geen traan te bezweren
‘k Had het anders lang gedaan.

Toen ging het boven op mij staan
Tot ik stil lag zonder wenen.
Duldend, wachtend moest ik leren
En toen eerst is het heengegaan.

Dat is nu al een poos geleên
Ik zie het nu van verre nog.
En ik begrijp niet, waarom toch
Ik toen zo leed met veel geween.
 

Voorbede

 

 

Pastor         Worden we een ogenblik stil en keren wij ons hart tot God

en leggen wij aan Hem voor alles wat ons ten diepste beweegt.

 

Lector         

Wij bidden voor allen die zoeken naar zingeving en verdieping in hun leven.

Voor allen die hopen U  te ontmoeten als de dragende grond van hun bestaan.

Dat wij U mogen ervaren als het meest innerlijke van ons wezen.

Leef in ieder van ons en geef dat wij in U mogen leven.

Stilte Laat ons bidden:

 

Bidden wij voor de wereld waarin wij wonen:

om vrede en rust  in alle haarden van oorlog, geweld en onderdrukking;

Voor hen die vervolgd worden

om hun geloof en om hun vrijmoedige  meningsuiting,

voor hen die vanwege het onrecht niet kunnen zwijgen.

Dat er steeds mensen zijn

die in de geest van Titus  vasthouden aan het vrije woord.

Stilte Laat ons bidden:

 

Wij bidden voor onze geloofsgemeenschap

die de naam van pater Titus draagt.

Moge zijn eenvoud en de bescheidenheid  ons doen en laten kenmerken.

Om hechte saamhorigheid en verbondenheid

Geef dat wij heel ons leven richten naar het visioen van het Komende Koninkrijk van waarin Gods Naam geheiligd wordt en Zijn wil geschiedt.

Stilte Laat ons bidden:

                   

Bidden wij voor ons eigen geestelijk leven:

dat de bescheiden en nuchtere levenswijze van Titus ons mag bezielen;

dat zijn passie voor gerechtigheid en zijn geloof in de kracht van de liefde  ook ons doorgloeit;

dat zijn Godsvertrouwen ons nader brengt tot de levende God

als de diepste grond van ons bestaan.

Stilte Laat ons bidden:

 

Wij bidden voor onze Titus Brandsmagemeenschap

Voor de zieken, bedroefden en vereenzaamden in onze kring.

Om genezende aandacht.

Voor de intenties die onuitgesproken zijn en waarvan God, o God, alleen weet heeft.  Schenk ons wat goed voor ons is/  Stilte Laat ons bidden:

 

Pastor        

Goede God, U die woont in het diepst van ons wezen,

kom aan het licht in onze daden van dienstbare liefde.

Dit vragen wij U op voorspraak van Titus Brandsma

Door Christus onze heer. Amen.

 

 

 

 

 


Pastor Tom Buitendijk

Pastor Tom Buitendijk

Pastor Tom Buitendijk is pastor van onze parochie, vormt samen met pastoraal werker Leon Teubner het pastoraat, en is voorzitter van het parochiebestuur. Meer informatie en biografie »

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *