In een begin was het Woord,

en het Woord was bij God,

en het Woord was God,

en dit was in het begin bij God.

Dat eerste zinnetje bij Johannes: In een begin, in beginsel, van begin af aan was het Woord, dat zegt ons niet hoe het precies zit, zoals een krantenartikel zou doen.

Dit is poëzie – een tastende verwoording van een andere vorm van kennis: een weten die pas ontstaat als je contact maakt met dat Woord van in een begin.

Hier klink een taal die iets wil duiden, een taal die voortkomt uit een soort aanvoelen. Zoals ook liefde een vorm van gevoelskennis is, en tóch een zeker weten dat niet in woorden te vatten of te bewijzen is.

In een begin was het Woord,

en het Woord was bij God,

en het Woord wás God,

Dit Woord in een begin, is van begin af aan goddelijk, omdat ín dit Woord, God zichzelf uitspreekt. In al wat is, in al wat wij zien, en in al wat wij zijn, spreekt God zichzelf volkomen uit. In mij, en in u, en in al wat is, was en zal zijn, daarin spreekt God zich geheel en al uit. En zo vormt Hij er het wezen van, van al wat Hij al scheppend uitspreekt. Niets bestaat er zónder dat Hij het spreekt.

Zo spreekt God ons hier en nu vandaag, zo vormt Hij ons wezen, elk moment van ons bestaan. En Hij wil dat wij dit gaan voelen, dat wij contact met Hem maken. Opdat, wanneer Hij ons aanraakt, Hij in ieder van ons aan het licht kan komen. Jezus noemt dit tot gestalte komen van Gods woord in ons het koninkrijk van God.

In het begin was het Woord,

en het Woord was bij God,

en het Woord was God,

en dit was in het begin bij God.

Alles is erdoor ontstaan,

en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat.

God was en is dat Woord dat wij zijn. Wij zijn van bij God, wij zijn van goddelijke oorsprong, alles is van goddelijke oorsprong.

Dat begin van het Woord houdt nooit op. Dat begin ervan gaat nooit verloren, het raakt ook nooit van zichzelf vervreemd, en het laat ook nooit los wat het uitspreekt.

Dat Woord blijft bij Zichzelf en bij wat het spreekt: het Woord is bij God – het Woord ís God. En dat is God,in wie wij leven, bewegen en zijn’.

Dát wij er zijn, dat wij hier samen zitten en ademen en elkaar kunnen aankijken, dat ís Gods Woord dat ís, dat ons nu doet ontstaan en doet leven.

In het Woord was leven,

en het leven was het licht voor de mens.

Het Woord van God geeft ons elk moment het leven, het doet ons met elke ademtocht en hartslag bestaan, ook al voelen en beseffen wij dit niet. Maar het wil dat wij tot besef komen van zijn aanwezigheid. Want dan komen wij mensen pas werkelijk tot leven, tot het ware leven van Christus, zijn welbeminde.

Vanuit een durend besef dat God ons leven geeft, kunnen wij Hem in ons de ruimte geven, om zijn koninkrijk te stichten op aarde: zijn menswording in en onder ons.

Als wij contact maken met dat Woord van ons voortdurende begin, dan zullen wij gaan voélen, dat niet wíj leven, maar dat Christus, het Woord van God, ons bestaat. Dan zal zijn lichtend woord onze duisternis verdrijven, en worden wij gaandeweg de mens die wij in zijn ogen zullen zijn.

Maar: willen wij dat wel. Johannes zegt:

Hij kwam in het Zijne,

maar de Zijnen hebben Hem niet ontvangen.

Wie Hem wel ontvingen en geloven in zijn Naam

gaf Hij de macht kinderen van God te worden.

Durven we dat Woord van God te ontvangen, dat Woord, dat onszelf en al wat is, nu schept en zo aan elkaar geeft, dan wórden wij gaandeweg dat Woord, Gods Zoon. Dan worden God en mens opnieuw geboren.

Dat Woord dat God is, wordt telkens opnieuw mens, wanneer het ontvangen wordt in ons hart, en het bewaard wordt van Hem uit, en wij een instrument durven worden van zijn verlangen. Een instrument dat niet vraagt: ´wat moet ik doen,´maar wat vraagt: ´wat wil Jij met mij doen?´

Gods Woord ontvangend, worden wij vergoddelijkt. Niet wij vergoddelijken of  vervolmaken onszelf, dat is wat de Schrift hoogmoed zou noemen. Nee, hier kunnen wij enkel failliet gaan.

Maar ons failliet is precies de enige mogelijkheid voor God, de enige ruimte voor Hem, om in ons aan het licht te komen. Om Gods grootheid, lichaam van Christus, op aarde te worden, niet uit de wil van een mens, maar uit God geboren.

Wat een wonderlijk perspectief: vrede op aarde van God uit. En welbehagen onder alle mensen die Hij liefheeft.

Een Zalig Kerstfeest.


Pastor Leon Teubner

Pastor Leon Teubner

Pastoraal werker Leon Teubner is pastoraal werker bij onze parochie. Hij is tevens verbonden aan het wetenschappelijke Titus Brandsma Instituut in Nijmegen.Meer informatie »

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *