Zout en licht zijn jullie.  9 februari 2020

Zoals u weet zijn de maanden januari en februari de maanden van de actie kerkbalans. De kerkbalans is een vrijwillige bijdrage aan de parochiegemeenschap om het pastorale werk mogelijk te maken en om het kerkgebouw goed te kunnen onderhouden. Ofschoon de actie landelijk gezien goed loop is er toch een grote reden tot zorg. Steeds minder mensen geven iets meer geld. Het totaal wordt helaas beduidend minder.

Maar het meest zorgelijke is: minder mensen geven om de kerk en om de boodschap die de kerk door geeft.

Hoe ziet de toekomst eruit? Zal het geloven stand houden?

Naar aanleiding van de kerkbalans is er een boekje verschenen met als titel:

“ Daarom blijk ik bij de kerk”. Vrouwen en mannen, katholieken en protestanten, leken en ambtsdragers gelóven in de toekomst van de kerk en geven daar woorden aan. Ook onze bisschop Gerard de Korte schrijft daarin.

Aan het antwoord: ‘daarom’ gaat altijd de vraag vooraf: ‘waarom?’

Waarom blijft u bij de kerk? Dominee Bram van Beek merkt op: dat is net zo’n vraag als: waarom blijft u bij uw vrouw? Zoiets had de Korte nooit kunnen zeggen.

Je stelt, zegt de dominee de fundamenten van je leven toch niet telkens ter discussie: waarom ben ik getrouwd, waarom heb ik dat beroep gekozen, waarom woon ik in Oss?

Je mag best kritiek hebben op de kerk. Zoals je het ook niet altijd met je vrouw eens hoeft te zijn. Toch ga je niet zomaar scheiden. Oss is nou niet echt zo’n opwindende stad, maar je overweegt toch niet iedere dag om naar Den Bosch te verhuizen.

Zo zijn wij gedoopt op verzoek van de onze ouders, wij zijn lid geworden van de geloofsgemeenschap, we hebben onze Eerste Communie gedaan, zijn er gevormd, misschien ook getrouwd. Het kerkelijke leven is toch een deel van je gewone leven! Waarom dan die vraag: waarom blijf je bij de kerk? Waarom zou je de kerk verlaten?

Nu weet ik ook wel dat mensen gaan scheiden, van baan veranderen en willen verhuizen. Heel vaak is de reden: de liefde is verkoeld. Ik heb het niet meer naar mijn zin. Het zegt me niets meer. Zo kan het ook zijn met de kerk: het doet me niets.

Maar er dan maar gelijk mij ophouden is gevaarlijk. Het kan zijn dat de ware liefde door de eerste verliefdheid heen breekt en je dan pas echt je hart aan de ander geef.

Het kan best zijn dat je na tegenslag op je werk toch je draai vindt en fluitend naar je werk gaat. Het kan best zijn dat je door bij de kerk betrokken te blijven, toch ineens de waarde van het geloof in de samenleving van vandaag gaat zien.

In een gesprek op de televisie over de wetgeving over voltooid leven zei een overigens heel vriendelijke vrouw: “er zijn in ons land nog te veel religieuze mensen die het onmogelijk maken om te doen wat wij willen”. Hoort u het goed: er zijn te veel religieuzen mensen. Wij zijn te veel. Dit soort onverdraagzaam en harteloos spreken gebeurt er als het geloof uit de samenleving verdwijnt. Wij mogen niet zijn wie wij zijn: gelovigen.

Wij mogen niet mee tellen in het gesprek over leven en dood. Ik denk overigens niet dat die mevrouw dat zo hard bedoelde, maar het is wel een stroming in de maatschappij die zo denkt. Er zijn te veel gelovigen.

Een goede reden om bij de kerk te blijven is: omdat we willen zijn wie we zijn.

Jezus spreekt ons vandaag aan als ‘zout’ en als ‘licht’.

Hij zegt het aan het begin van de Bergrede tegen zijn leerlingen en tegen een grote groep mensen die verlangen een woord van bemoediging, hoop en perspectief te horen. Jullie zijn, zoals je nu bent – luisteraar en iemand die mij durft te vertrouwen – zou en licht.

Op zich zijn zout en licht niets bijzonders en ook niet iets waardevols.

Een pak zout en een doosje lucifers maken je niet arm.

In het gebruik bewijzen ze hun waarde en kunnen ze kostbaar worden.

Als christelijk leven zich mengt met het sociale en culturele leven dan pas blijkt hoe waardevol zout is. Zout geeft smaak aan het leven.

Maar het gebruik ervan is met mate. Wrijf het zout nooit andermans wonden.

Verwijt mensen nooit gebrek aan geloof. Geef hen wèl het voorbeeld van geloof en gebed. Blijf jezelf. Iemand zei:

“Kinderen zijn ’s zondags van harte welkom maar pas na twaalf uur. En als ik ga eten dan bid ik voor ik begin. Ook al doen kinderen niet veel aan het geloof, dat ik het wel doe, respecteren ze. Als ik er over ga zeuren dan raken ze geïrriteerd en komen ze niet meer”.

Zout inspireert en prikkelt. Als er op verjaardagen onheus gesproken wordt over Nederlanders van buitenlandse afkomst, dan kan de opmerking: “ook zij zijn kinderen van God”, soms helpen de gemoederen te verzachten.

Door als gelovigen te zijn wie we zijn, behoeden wij de samenleving voor giftige en benedenmaatse gedachtegangen die steeds meer opkomen in ons land.

Wij wijzen elkaar er op dat ‘mens en medemens zijn ‘ de eerste bouwstenen zijn van samenleven. Los op elkaar gestapelde stenen vormen nooit een stevig muur. Losse individuen vormen nooit een werkelijks samen leven.

Jezus noemt ons licht. Wij hebben bij ons doopsel het licht van Christus ontvangen.  Licht waarmee wij het duister van de wereld kunnen overwinnen. Een klein vlammetje kan een donkere kamer licht brengen zodat je kunt zien wat er is. We hoeven geen vuurtoren te zijn die over heel de maatschappij straalt; we hoeven geen lichtbak van de politie te zijn om foute mensen op te sporen.

Wat van ons verwacht mag worden is: keer je niet af van je medemens.

Zie een ander staan. Ook en vooral als hij in nood is. Begin met een arme die hulp vraagt niet harteloos over eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid.

Wees een licht in zijn duisternis.

De wereld en ons land wordt hebben te maken met grote problemen.

Veel mensen verwachten alle antwoord van de wetenschap. Het is bewezen dat …. Het is wetenschappelijk vast gesteld dat …. De wetenschap heeft dit of dat raadsel opgelost….. Maar wetenschap gaat over feiten, over mogelijkheden en onmogelijkheden.  Goede wetenschap is broodnodig.

Toch durf ik te beweren dat God, kerk en geloof méér broodnodig zijn.

God roept ons op om voor elkaar en met elkaar mens te zijn.

Dat is een uitdaging die we iedere dag mee krijgen.

Het samen komen in de kerk is een levende herinnering en oproep eraan.

In de kerk horen we de vraag:   Ben ik zoals ik ben, iemand die het leven smaak geeft en het goede in andere wakker roept?  Ben ik iemand die het leven van een ander verlicht door er voor een ander te zijn?

Alleen al om die oproep van God te horen: mens, wees medemens! is het goed om bij de kerk te blijven. Waarom de kerk verlaten die jou dat waardevolle    alledaagse snufje zout en dat  vlammetje van licht geeft ? Waarom zou je?


Pastor Tom Buitendijk

Pastor Tom Buitendijk

Pastor Tom Buitendijk is pastor van onze parochie, vormt samen met pastoraal werker Leon Teubner het pastoraat, en is voorzitter van het parochiebestuur. Meer informatie en biografie »

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *